Kind en ouder

Kind en ontplooiing
Kinderen staan vooral lijfelijk voelend in de wereld. Lijfelijk voelend nemen ze hun omgeving waar en communiceren ze met hun omgeving. Hun zekerheid en vertrouwen wordt vooral gevoed binnen het affectieve, nabije lichamelijke contact. Binnen een gezonde ontwikkeling zoekt een kind dit gevoelscontact vanzelfsprekend op. Een goed ontwikkelde gevoelsbasis laat zich zien en ervaren in de wijze waarop een kind in zijn lichaam woont, hoe het in de wereld staat, hoe het beweegt, speelt, omgaat met andere kinderen en hoe het zich gedraagt. Dit kind kent rust, vertrouwen en levenslust.

Het kwetsbare en moeilijke kind                                                                                       Kinderen met gedragsproblemen leven vaak buitenste binnen. Hun lijf is niet een thuishaven of basis waarbinnen rust en ordening heerst. Ze moeten daardoor alles inzetten om zich staande te kunnen houden. Deze kinderen staan dag en nacht onder hoogspanning. Alles in hen staat op scherp en onder druk. Dat is een patroon waarmee ze in het leven staan en dat is te zien en te ervaren in hun gedrag, in hun bewegingen en te voelen aan hun lijf.

Zo binnen, zo buiten.                                                                                                                                                                     Een verstoorde gevoelsbasis beangstigt. Het ene kind verhardt, kent geen rust en gaat op kracht; het andere kind trekt zich eerder terug, valt stil en verdwijnt in fantasie of binnen een eigen gesloten leefwereld.

Van binnenuit naar buiten
 Een kind dat angstig is kan je gaan pushen om te ondernemen. Maar in dit doen blijft dit kind angstig. Je kunt dit kind ook laten ervaren dat het een eigen bodem heeft en vanuit die basis in de wereld kan gaan staan.
Een kind dat zichzelf ‘overschreeuwt’ kan je constant corrigeren en terugfluiten. Dit werkt vaak frustrerend, averechts en kort durend.

Haptotherapie bij kinderen                                                                                                    Binnen mijn praktijk haptotherapie laat ik zo’n  kind in gesprek, in bewegingsspel en aan zijn lijf ervaren wat verzachting, vertraging en verstilling is en dat geeft rust.       Ik leer dit kind in zijn lijf te wonen, dwz. bij zichzelf te zijn. Het ervaart een rustpunt ‘in’ zichzelf zodat het meer voelend in de wereld kan staan en kan afstemmen naar de ander.
Een kind leert dus voelend zijn eigen mogelijkheden ontdekken. Zo weet een kind  zich meer gesterkt in wie hij is en zal zich veel minder ‘waar’ hoeven maken in geforceerd gedrag.   

Ouderbegeleiding
Ouder(s) worden van het begin af aan meegenomen in dit traject zodat ook zij ervaren ‘hoe’ ze hun kind hierin kunnen coachen. De afstemming tussen ouder(s) en kind is cruciaal in het contact naar en het vertrouwen voor hun kind.
Er wordt gezamenlijk gekeken en besproken naar wat dit kind in eerste instantie nodig heeft. Dit  betekent dat je leert kijken achter het gedrag van je kind en te zien  waar het huist.

Wanneer je kan zien dat dit kind geen rust kent in zichzelf en je weet hoe je hem die rust lichamelijk kan aandragen, dan blijf jezelf uit die frustratie en leer je je kind uit de druk in zichzelf te komen. Ouders leren zo dat ze zelf veel meer in huis hebben en in gezamenlijkheid veel verder komen.
Veelal zie ik in dit traject dat ook bij ouders de druk er meer af gaat.
Wanneer een kind zijn basale rust eenmaal herkent, dan kan je een kind hier ook op aanspreken. Een kind herkent wanneer het zichzelf kwijt raakt en ‘wat’ daarin zelf te doen staat. Een kind wordt  zichzelf zo van ‘binnenuit’ machtig en dat geeft pas echt vertrouwen.

Haptotherapie voor kinderen, wanneer ?

als het onderlinge contact niet vanzelfsprekend verloopt.

kinderen met vage lichamelijke klachten, zoals: buikklachten, hoofdpijn, vermoeidheid, gespannenheid, obstipatie en incontinentie problemen.
kinderen die lichamelijk tegen hun grenzen aanlopen, zoals astmatische problematiek, hyperventilatie, stotteren, lichamelijke onhandigheid.

kinderen, die spanningen in zichzelf opslaan zoals bij moeilijk inslapen, vroegtijdig wakker worden, huilbaby’s, hoofdpijn, panisch wakker worden.

(faal)angstige kinderen; kinderen die zich moeilijk staande weten te houden of zich moeizaam uiten.

kinderen met AD(H)D-problematiek; leer- en concentratieproblemen; kinderen die snel geïrriteerd zijn en daarin lang blijven hangen.

bij het verwerken van traumatische ervaringen.